Een beetje meer zelfvoorzienend zijn. Wie wil dat niet in deze tijden van vlees- en eischandalen? Eigen kippen in de tuin, is een mooi begin. In mijn eerste blog ben ik ingegaan op de aandachtspunten voordat je besluit om eigen kippetjes te gaan houden. In deze blog geef ik mijn voorkeur voor de twee soorten die geschikt zijn in de stad.

Goede stadskippen – mijn keuze

Er zijn heel veel verschillende rassen kippen. Je bent natuurlijk vrij om te kiezen wat je wilt, maar rekening houdend met bovenstaand raad ik eigenlijk twee soorten aan:

  1. de Nederlands sabelpootkriel. Een oud Nederlands ras van nog geen 900 gram. Kleine lieve en aanhankelijke kipjes. Omdat stadstuinen meestal wat kleiner zijn, is dit dus een goede optie. Je krijgt wel hele kleine eitjes, maar dus ook kleinere poepjes om op te ruimen. Je kunt zelfs op marktplaats deze soort kopen.
  1. Serama kip. Dit is het kleinste kippenras van de wereld (nog geen 500 gram) dat oorspronkelijk uit Maleisië komt. Zelfde voordelen als de sabelpoot. Maar de Serama, en dan zeker de Maleisische types, zijn erg gevoelig voor koude en vochtigheid. Eén dag koude kan al genoeg zijn om het diertje de volgende dag gestrekt te vinden. En hoe kleiner, hoe gevoeliger ze hieraan zijn. Grote Serama’s van minimaal 450 gram zijn redelijk goed bestand tegen lage temperaturen. Zeer tam van karakter. De Serama legt wel heel kleine eitjes. Vijf eitjes zijn hetzelfde als één gewoon kippenei.

Gemeentelijke verordering voor kippen

Net als ik enthousiast geworden over het houden van kippen? Lees van te voren wel de gemeentelijke verordeningen van je eigen stad over het houden van kippen. In Amsterdam hoef je in ieder geval geen vergunning voor het houden van kippen aan te vragen.

En wil je meer informatie over verschillende kippen. Lees dan verder op Omelet.nl. Hier kun je ook alle benodigdheden voor het houden van kippen kopen.